Vind jouw product hier









Project:

06/10 2014 - 06/10 2014

Pigmenten in de Biobased Economy - Waardeketengesprek

ccc-header_512

In Groningen vond op 6 oktober 2014 een ronde tafeldiscussie plaats met als onderwerp het opzetten van een nieuwe waardeketen rondom natuurlijk pigment. Deze workshop was georganiseerd door House of Design en HuisVeendam, en was onderdeel van het Noordzee regio Interreg IVB project Creative City Challenge Reloaded, waarin de Gemeente Groningen en Hanzehogeschool Academie Minerva partner zijn.

In het proces van het verbouwen van natuurlijke materialen tot en met gebruik door de consument zitten vele schakels. Niet iedereen weet van elkaar wat de mogelijkheden zijn bij elke stap in dat proces. Mensen weten bijvoorbeeld niet altijd wie aanbieder of afnemer van een product is in deze keten, waardoor er nog veel kansen blijven liggen. Daarbij heeft het verbouwen van natuurlijke materialen als grondstof voor materialen met nieuwe toepassingen veel potentie voor de noordelijke regio in Nederland. Belangrijk is dat productie en verwerking in deze regio kan plaatsvinden.

De bijeenkomst vond plaats in de prachtige locatie De Bovenkamer van Groningen, waardoor het een ronde-watertoren discussie werd. 

watertoren_512_01

Aandeelhouders van alle schakels uit de waardeketen van pigment tot en met verwerking in eindproducten waren uitgenodigd; van boer tot retailer en van producent tot overheid om deze kansen te onderzoeken en te discussiëren over de mogelijkheden, problemen en vragen rond het duurzamer gebruik van pigmenten in de Biobased Economy. De partners Tillt uit Gothenborg, Zweden, Industrial Design Centre Kortrijk uit België en Brennerei uit Bremen, Duitsland waren ook aanwezig om het proces bij te wonen van een dergelijk gesprek.

De moderatoren in de discussie waren Eileen Blackmore van House of Design (initiator van oa biobased design projecten in het Noorden) en Tjeerd Veenhoven van HuisVeendam (ontwerper en ontwikkelaar van innovatieve biobased producten). Momenteel is hij aan het experimenteren met het ontwikkelen en toepassen van biobased pigmenten. In de watertoren had hij een opstelling gemaakt met voorbeelden, waarmee een mooi en inspirerend decor werd gevormd voor de gesprekken.

De belangrijkste rol van House of Design is partijen bij elkaar brengen die elkaar kunnen versterken door kennis te delen en met elkaar nieuwe mogelijkheden en samenwerkingsvormen te vinden.

maria_200

Maria Blom van de gemeente Groningen verwelkomde de gasten en wenste hen een vruchtbare bijeenkomst. Ze legde de nadruk op het belang van interactie tussen de stakeholders om een gemeenschappelijke doel te kunnen bereiken: het maken van duurzamere producten. zaadproductie en plantonderhoud voor andere boerderijen. Eileen Blackmore en Tjeerd Veenhoven stelden zich voor aan het gezelschap en vertelden daarbij dat deze middag een unieke situatie was. Hier werd een eerste stap gezet om een cirkel te creëren in het gebruik van biobased pigmenten, van producent tot consument, waardoor het een ononderbroken proces kan worden. Een bijzonder interessant proces, waarbij regionale ketens gemaakt kunnen worden.

wanda_200

De eerste spreker van de middag was een belangrijke om mee te beginnen: een producent van planten die natuurlijke pigmenten leveren. Aan de basis van de keten staat de agrarische ondernemer, in dit geval Wanda Olsder uit Noordbroek in de provincie Groningen. Op haar boerderij worden niet alleen aardappelen en graan geteeld, maar ook verschillende soorten planten waarvan natuurlijke kleurstoffen gemaakt kunnen worden. Daarbij zijn zaadproductie en onderhoud van de planten voor andere boerderijen de voornaamste werkzaamheden. “Dit soort agrarische productie is nog een niche,” vertelt Wanda. “Er zijn in Nederland nog maar vijf bedrijven die deze planten verbouwen.” Wanda had een aantal planten meegenomen, waardoor er direct een gesprek op gang kwam met veel vragen over de planten. Hoe ze groeien, welk gedeelte gebruikt wordt, wat er gebeurt met de rest van de plant, wat voor kleur ermee gemaakt wordt etc.

Een belangrijke vraag blijkt te zijn hoe levendig de kleuren zijn die van planten gemaakt worden en in welke mate ze goed in materialen blijven zitten, zonder te vervagen. Wanda: “Natuurlijk waren er vroeger alleen maar natuurlijke kleurstoffen toen de synthetische kleurstoffen nog niet uitgevonden waren. Een goed voorbeeld  is meekrap, waarvan de wortel gebruikt wordt. Deze kleur rood is de originele kleur die gebruikt werd voor de Nederlandse rood-wit-blauwe vlag. En meekrap werd ook gebruikt om uniformen rood te kleuren in de tijd van Napoleon.” Het is dus heel goed mogelijk om heldere, blijvende kleuren te maken. “Wat een probleem kan zijn is dat je nooit precies dezelfde kleur kunt maken omdat de omstandigheden variabel zijn waaronder de plant geproduceerd wordt, zoals het type aarde of de weersomstandigheden.” Dit kan een probleem opleveren voor producenten van bulk producten, die steeds exact hetzelfde product willen maken. “Ik zie wel mogelijkheden voor boeren want die zijn altijd op zoek naar nieuwe gewassen om te telen en nieuwe manieren om omzet te maken. Ik zie ook zeker mogelijkheden om planten voor kleurstoffen in grote hoeveelheden te telen. Maar het zal niet van de ene op de andere dag gebeuren. Hiervoor is een verandering van houding nodig.”

rudy_200

Rudy Folkersma, lector Sustainable Polymer Technology aan Stenden Hogeschool, houdt zich bezig met onderzoek naar het verbeteren van de kwaliteit van biobased plastics en hun toepasbaarheid, maar ook van biologisch afbreekbaar plastic op oliebasis. Dit is een belangrijk onderzoeksgebied in de zoektocht naar duurzame producten. Hij vertelt: “Synthetische pigmenten in plastic zijn feitelijk niet het grootste probleem in de duurzaamheidskwestie. Er is maar heel erg weinig piment nodig om heel veel plastic te kleuren en als je minder dan een bepaald percentage synthetische kleurstof gebruikt in een biologisch afbreekbaar product, mag je het van de wet zelfs biologisch afbreekbaar noemen.” Dit veroorzaakte een discussie over wetgeving. Deze regels schijnen per land te verschillen. Folkersma is echter wel geïnteresseerd om de mogelijkheden van natuurlijke pigmenten te onderzoeken. “Ik kan mijn studenten aan het werk zetten met deze uitdaging. Maar ik denk dat het grootste probleem is dat plastic onder zeer hoge temperaturen verwerkt wordt. Ik vraag me af of natuurlijke pigmenten hun kleur behouden onder deze omstandigheden.”

geartsje_200

Om iets te vertellen over de mogelijkheden en de noodzaak om producten op een natuurlijke manier te maken, was Geartsje Oosterhof uitgenodigd. Geartsje is opleidingsdirecteur en onderzoeker aan Hogeschool VHL, met een focus op permacultuur. Kort gezegd is permacultuur een methode om op een duurzame, efficiënte en verantwoordelijke manier met onze planeet om te gaan op het gebied van landbouw. Dit kan door het ontwikkelen van innovatieve landbouwmethoden om op de best mogelijke manier met de landbouwgrond om te gaan. Bijvoorbeeld door het opzetten van gesloten cycli, het voorkomen dat er (onderdelen van) gewassen weggegooid of vernietigd worden en door het land zo efficiënt mogelijk te gebruiken, bijvoorbeeld door gewassen te kweken die elkaar versterken of door wintergewassen te telen. 

Dit zou moeten gebeuren met zo min mogelijk gebruik van technologie, wat het grootste probleem is. Er komt een discussie op gang over het gebruik van technologie, “Als ik zeg dat technologie het grootste probleem is, dan bedoel ik het gebruik van machines die op fossiele brandstoffen rijden,” aldus Geartsje. “Het verkeerde idee kan ontstaan dat permacultuur betekent dat we terug moeten naar vroeger, maar dat is natuurlijk niet zo. Integendeel, het is juist een hele moderne, innovatieve landbouwmethode.” Haar onderdeel in de keten is die van het overbrengen van kennis over het duurzame gebruik van landbouwgrond en hoe de (biobased) economie kan profiteren van innovatie op het gebied van landbouw.

natascha_200

Natascha M. van der Velden, onderzoeker TU Delft, Faculteit Industrieel Ontwerp, afdeling Duurzaam Ontwerp, doet onderzoek naar kleding, waarin ze Life Cycle Analyses ontwikkelt die de milieubelasting van producten of materialen in kaart brengen. Ook haar resultaten tonen aan dat pigmenten niet van groot belang zijn als het om duurzaamheid gaat. “Er is wel veel te winnen op het gebied van grondstoffen. Natuurlijke materialen voor het maken van kleding zijn belastender voor het milieu dan het gebruik van synthetisch materiaal. Dit komt door de vervuilende manier van het telen, oogsten en verwerken van natuurlijke materialen. In deze context ben ik erg geïnteresseerd in de ontwikkelingen op het gebied van permacultuur. Als het gaat over kleurstoffen, denk ik dat we nog een lange weg te gaan hebben qua ontwikkeling. Voor de consumenten is kleur is zo'n belangrijk onderdeel van kleding dat de kwaliteit zeer hoog moet zijn.”

esme_200

Een productontwerper en ambachtsvrouw die met natuurlijke materialen werkt is Esmé Hofman, mandenvlechter. Ze gebruikt voornamelijk wilgentenen. Ze vertelt over haar werk, en dat het een uniek ambacht is; Esmé is een van de vijf mandenmakers in Nederland, terwijl het vroeger een veelvoorkomend beroep was. Mensen vinden het nog altijd geweldig om handgemaakte producten te kopen van natuurlijk materiaal. Er vindt een gesprek plaats over de herkomst van het materiaal dat Esmé gebruikt. Ze gebruikt uitsluitende de Amerikaanse wilg (Salix Americana), omdat ze hiermee het best kan vlechten. Deze bomen groeien in Spanje en worden door een Duits bedrijf geïmporteerd. Zou het niet beter zijn om materiaal te gebruiken dat in Nederland groeit? “Natuurlijk zou ik het geweldig vinden om grote velden met Salix Americana te zien groeien in Nederland. Maar helaas is dat niet zo. Het zou prima kunnen want deze boom doet het heel goed in het Nederlandse klimaat.”

Natascha doet mee in het gesprek vanwege de vraag hoe het zit met de milieubelasting als een grondstof uit het buitenland gehaald wordt. “Over het algemeen valt het wel mee als je het geheel beschouwt,” zegt ze.”Het hangt wel af van het soort materiaal. Als je bijvoorbeeld bamboe uit China importeert, behaal je per saldo toch milieuwinst.” Op het gebied van kleur zou Esmé heel graag gaan experimenteren met natuurlijke pigmenten. “Ik verf de wilgentenen wel eens met synthetische verf, maar dan komt er een laagje overheen. Ik vraag me af of dat anders is met natuurlijke pigmenten. Het lijkt me mooi als het pigment opgenomen wordt door het materiaal.”

Een andere ontwerper die uitgenodigd was, was Sandra Jongedijk, textielontwerper, die onder meer textiel bedrukt. Ze kon er helaas niet bij zijn maar in een kort telefonisch interview vertelt ze: “Ik gebruik zelf geen plantaardige kleurstoffen, maar ik zou er graag meer over te weten komen. En ik zou ze zeker wel willen gebruiken, maar het is niet iets wat je makkelijk even in de winkel koopt. Daarbij ben ik nieuwsgierig naar de verwerking van de natuurlijke pigmenten. Ik heb gehoord dat niet alle natuurlijke pigmenten duurzaam zijn omdat er soms chemicaliën gebruikt worden om ze te verwerken.”

thijs_200

Pezy Product Development is een bedrijf dat het Cradle to Cradle concept omarmd heeft, en probeert het zoveel mogelijk toe te passen. Industrieel ontwerper Thijs Feenstra heeft veel ervaring met de wensen van hun klanten. “Over het algemeen kan het mensen niet zo heel veel schelen of hun product duurzaam is of niet. De meesten willen gewoon de beste, makkelijkste en goedkoopste manier om hun product te laten maken.” Wij gebruiken veel biobased materialen en onze ervaring is dat er een aantal vooroordelen bestaan ten opzichte van deze materialen. Sommige mensen denken dat je geen fatsoenlijk product kunt maken met bijvoorbeeld biobased plastic. Maar er is een ander probleem. Als bedrijven een massaproduct willen maken, moet elk afzonderlijk product identiek zijn. Dit kunnen we op dit moment niet garanderen met het gebruik van biobased plastic. Dit is een van de redenen waarom het heel moeilijk zal zijn om natuurlijke pigmenten te gebruiken in producten.”

Er komt een gesprek over de wenselijkheid om op deze manier door te gaan in de maatschappij. Er is al een trend aan de gang die gaat over meer personaliseren en zelf aanpassen van producten door de consument. Iemand kwam met het idee om kleuren aan een jaar te koppelen, net als wijn, die ook elk jaar verschillend is. Een ander onderwerp is: zijn klanten bereid meer te betalen voor een product als het duurzaam is? De meeste deelnemers denken van niet. Mensen willen misschien wel duurzame producten, maar dan moeten ze hetzelfde kosten. “Een oplossing kan zijn,” zegt Natascha, om de producten gewoon te maken en dan niet communiceren dat ze duurzaam geproduceerd zijn.”

Pezy is al een tijd aan het experimenteren met een plastic stuk speelgoed dat niet onderscheiden valt van een conventioneel stuk speelgoed. Het prototype is een schepemmertje gemaakt van biologisch afbreekbaar plastic, gebaseerd op aardolie. Er wordt nog gewerkt aan de kleurstof, die ook afbreekbaar moet zijn. “Tot nu toe hebben we de juiste kleur groen nog niet kunnen krijgen,” vertelt Thijs, “maar we doen nu zaken met een Zwitsers bedrijf. Zij willen helaas het ingrediënt van de kleurstof niet prijsgeven, maar er zit een certificaat bij van de Zwitserse overheid dat het goedgekeurd biologisch afbreekbaar is.”

De kwestie van het gebruik van biobased plastic of plastic gemaakt van aardolie is ingewikkeld. Niet alle biobased plastics zijn biologisch afbreekbaar en andersom is het goed mogelijk om een volledig biologisch afbreekbaar plastic te maken van aardolie. Thijs Feenstra zegt: “Het is maar zo;n klein gedeelte van de aardolieopbrengst die gebuikt wordt voor plastic. De rest wordt gebruikt als brandstof.” Rudy Folkersma antwoordt daarop: “We moeten er gewoon naartoe om helemaal geen fossiele grondstoffen meer te gebruiken.”

erik_200

Erik Slor is de directeur van Dynaplak, een bedrijf dat zetmeelproducten maakt van bijvoorbeeld aardappelen. Zetmeel kent vele toepassingen en onlangs heeft Dynaplak de techniek ontwikkeld om verf op zetmeelbasis te maken. Erik is tevens, samen met Tjeerd Veenhoven, oprichter van HuisVeendam, waar duurzame materialen ontwikkeld worden van biobased grondstoffen (planten). Hij wil benadrukken dat Dynaplak de aardappelen niet aan de voedselketen onttrekt, maar dat ze afspraken hebben met de aardappelverwerkende industrie om de reststromen op te kopen. Erik gelooft dat veel soorten producten gemaakt kunnen worden van natuurlijke grondstoffen. “Als het over biobased pigmenten gaat, bijvoorbeeld in verf, is het niet zozeer een technische kwestie maar een marketingkwestie. Het kost moeite om vooroordelen weg te nemen en mensen ervan te overtuigen dat biobased producten net zo goed kunnen zijn dan de gangbare, die van aardolie zijn gemaakt.” 

Eileen Blackmore liet de deelnemers producten zien die ze gekocht had in een winkel voor natuurlijke kleding. De enige kledingstukken met natuurlijke verf die ze kon kopen waren sokken. Eileen is iemand die veel onderzoek doet naar de mogelijkheden en toepassingen van biobased grondstoffen en materialen. Het is bekend dat het mogelijk is om natuurlijke kleurstoffen in grote hoeveelheden te maken, om elke mogelijke kleur te maken en om kleuren te maken die mooi blijven in producten. Het lijkt erop dat stakeholders in de biobased economy niet voldoende op de hoogte zijn van de ontwikkelingen op het gebied van natuurlijke pigmenten. Eileen's conclusie is dan ook dat dit onderdeel van de productie van biobased producten meer aandacht verdient en dat er veel te winnen is op het gebied van informatievoorziening aan de stakeholders.  

Tjeerd Veenhoven sloot de bijeenkomst af door op te merken dat er veel huiswerk te doen is. “Het was een speciale bijeenkomst met een hele positieve sfeer, waarin verschillende stakeholders bij elkaar zijn gekomen om leren en delen en geïnspireerd te worden. Het belang van een goede samenwerking in een waardeketen is dat het geheel overzichtelijk wordt. Zo ligt een groot deel van de marketingwaarde juist in hoe de grondstoffen gewonnen worden en hoe deze verwerkt worden in producten. Pigment is in het begin van de waardeketen misschien niet zo relevant, maar verderop, aan de markt-kant is kleur juist het deel van een product dat goed en eenvoudig communiceert. Je kunt biopolymeren moeilijk aan een consument verklaren maar een mooie biologische regionaal geproduceerde kleur wel!

dahlia_200  meekrap_200

Het was een zeer vruchtbare bijeenkomst, die op dit moment waarschijnlijk meer vragen opgeroepen heeft dan beantwoord, maar dit is nog maar het begin!”

Initiator en moderator: Eileen Blackmore – House of Design
Moderator: Tjeerd Veenhoven – HuisVeendam, Studio Tjeerd Veenhoven

Locatie: De Bovenkamer van Groningen

In samenwerking met:
Maria Blom – Gemeente Groningen
Gerard Tolner – Gemeente Groningen

Sprekers:
Wanda Olsder – agrarisch ondernemer
Geartsje Oosterhof – Hogeschool VHL
Rudy Folkersma – Stenden PRE
Ir. Natascha M. van der Velden – TU Delft
Esmé Hofman – ontwerper
Sandra Jongedijk – ontwerper (afwezig)
Thijs Feenstra – Pezy Product Development
Erik Slor – Dynaplak Adhesive & Starches BV / HuisVeendam

In het kader van: Interreg IVB project Creative City Challenge Reloaded,
Illustraties: Bart Nijdam

ccc-footer_512



<< overview

Share |